Nieuwsbrief nr. 5

 

2 juni 2010
STATISTIEKEN VERKEERSVEILIGHEID 2008

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Evolutie van de doden 30 dagen ten opzichte van de doelstellingen van de SGVV

 

 

 

 

 

 

 

 

Europese vergelijking van de doden 30 dagen per miljoen inwoners - 2008

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Verdeling van de ongevallen, slachtoffers en voertuigkilometers per periode van de week

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Evolutie van het aantal doden 30 dagen volgens weggebruikerstype (vergelijking tussen het referentiegemiddelde 1998-2000 en 2008 – niet-gewogen cijfers)

 

 

 

 

 

 

 

 

Klik hier voor de meest actuele ongevallencijfers.

 

Beste lezer,

Op 3 juni 2010 werd het rapport "statistieken verkeersveiligheid 2008" aan de pers voorgesteld en gepubliceerd op de website van het observatorium. Overeenkomstig de hoofddoelstelling van het observatorium voor de verkeersveiligheid - die eruit bestaat om objectieve onderzoeksgegevens aan te leveren waarop de Federale Commissie voor de Verkeersveiligheid zich baseert bij het formuleren van haar aanbevelingen - heeft dit rapport de betrachting om op termijn alle informatie en cijfergegevens aan te leveren die nodig zijn om een klare kijk te krijgen op de verkeersonveiligheid in ons land. Het rapport volgt daarbij de structuur van de piramide van de verkeersveiligheidsindictoren en zal op termijn dan ook de statistieken bevatten op het vlak van maatregelen en acties (weginfrastructuur, educatie, sensibilisering, politieactiviteiten, enz.), op het vlak van de performantie-indicatoren inzake het gedrag van de weggebruikers, de kwaliteit van de voertuigen en de kwaliteit van de weginfrastructuur en op het niveau van het aantal ongevallen en het aantal slachtoffers. Het rapport bevat gegevens die gaan tot 2008 en zal geactualiseerd worden naarmate er nieuwe gegevens beschikbaar zijn. Het rapport zal bovendien constant evolueren, want het zal aangevuld worden telkens er nieuwe samenwerkingen tot stand komen tussen het BIVV en andere partners die over gegevens beschikken die inzicht kunnen verschaffen in de verkeersveiligheid in België. De partners die nu reeds bijdroegen tot de realisatie van dit rapport zijn de AD SEI van de FOD Economie die de officiële database van ongevallen met lichamelijke schade aanlevert, de FOD Mobiliteit die de risico blootstellingsgegevens publiceert, de Lokale en de Federale Politie die ongevallengegevens verzamelen en Assuralia, die dankzij haar bijdrage toeliet om de ongevallengegevens vanuit een andere invalshoek te bekijken.

Het leeuwendeel van het rapport 2008 betreft de analyse van de ongevallen met lichamelijke schade die zijn opgenomen in de databank van de AD SIE van de FOD economie. Op dat vlak is de belangrijkste vaststelling dat  het aantal doden voor het eerst sinds 1950 onder de drempel van 1000 doden is gedoken. In 2008 werden er 944 doden 30 dagen geregistreerd. In vergelijking met het jaar ervoor werden 127 levens gespaard, wat overeenkomt met een daling van 11,9%. De mobiliteit eist echter ook een tol in de vorm van licht- en zwaargewonden. In 2008 bedroeg het aantal zwaargewonden 6782 en werden er 57655 lichtgewonden geteld. In tegenstelling tot het aantal doden 30 dagen is het aantal zwaargewonden sinds 2005 niet meer gedaald, en voor een duidelijke daling van het aantal lichtgewonden moeten we teruggaan tot 2001.

Zoals de onderstaande figuur aantoont brengen de cijfers van 2008 ons opnieuw dichter bij de te volgen trendlijn om de ambitieuze doelstellingen van maximum 750 doden in 2010 en 500 in 2015 te behalen.

Dankzij de vooruitgang die tussen 2000 en 2008 werd geboekt, behoort België tot de Europese koplopers van landen met de gunstigste evolutie. Maar we hebben nog een hele weg af te leggen als we tot de meest verkeersveilige landen willen behoren. Als we kijken naar het overlijdensrisico, merken we immers dat België maar liefst 88 verkeersdoden per jaar per miljoen inwoners telt. Daarmee eindigen we 15de op een totaal van 27 lidstaten en komen we op de voorlaatste (14de op een totaal van 15 landen) plaats als we de 12 nieuwe lidstaten niet meerekenen.

Het rapport 2008 bevat een zeer gedetailleerde analyse van alle ongevallen volgens het tijdstip en volgens de plaats van de verkeersongevallen, alsook van de karakteristieken van de in de ongevallen betrokken slachtoffers. Dit laat toe om de belangrijkste risicofactoren te identificeren. Deze analyse reveleert dat nachten, en vooral weekendnachten, het meest risicovol blijven. Slechts 4% van het totale aantal voertuigkilometers wordt gereden tijdens weekendnachten, terwijl in deze tijdsperiode maar liefst 20% van de verkeersdoden vallen. Ook tijdens de andere dagen van de week bestaat ‘s nachts een groter risico per afgelegde kilometer, want daarin vallen 10% van de verkeersdoden maar worden slechts 5% van de voertuigkilometers afgelegd.

           

‘s Nachts en vooral tijdens weekendnachten zijn jongeren van 18 tot 34 jaar bij de zwaargewonden en doden 30 dagen oververtegenwoordigd ten opzichte van hun aandeel in de populatie. Tijdens weeknachten heeft deze leeftijdsgroep een aandeel van 52% bij de doden en 57% bij de zwaargewonden. Deze percentages lopen tijdens weekendnachten zelfs op tot 60% en 58%.
64,2 % van de ongevallen doen zich voor in het Vlaams Gewest, dat eveneens een aandeel heeft van 65,1 % bij de zwaargewonden en 63,6 % bij de lichtgewonden. Vlaanderens aandeel in de verkeersdoden ligt echter een stuk lager: 52,4% van alle verkeersdoden in België vielen in Vlaanderen. Het Waals Gewest daarentegen heeft een aandeel van 43,9% in het totaal aantal verkeersdoden, terwijl slechts 27,6% van de ongevallen zich voordoen in dit Gewest. 8,2% van alle ongevallen doen zich voor in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, terwijl dit gewest met 3,7% van alle doden het best presteert wat de ernst van de ongevallen betreft: 8,8 doden per 1000 geregistreerde ongevallen.
Een analyse volgens het snelheidsregime toont aan dat de meerderheid van de uitgespaarde levens in de periode 1998-2008 uitgespaard werden op 90 km/u-wegen. Het feit dat het aantal kilometers wegen met een snelheidsregime van 90 km/u de voorbije jaren is afgenomen (in hoofdzaak omdat in Vlaanderen op sommige wegen de eerdere maximumsnelheid van 90 km/u teruggebracht werd naar 70 km/u ) is hier niet vreemd aan.

Een analyse in functie van de in de ongevallen betrokken personen maakt duidelijk dat jongeren van 15 tot 24 jaar een risicogroep blijven, ook al is de mortaliteit bij jonge mannen tussen 2000 en 2008 gehalveerd. Bepaalde weggebruikerscategorieën hebben de doelstelling om het aantal doden met 50% te verminderen tussen het referentiegemiddelde 98-2000 en 2010 reeds bereikt. Dit is het geval voor bromfietsers klasse A, die het dodental in hun rangen met 63% zagen verminderen, maar ook voor de autopassagiers, bij hen nam het aantal doden met 51% af. Andere weggebruikerscategorieën zoals autobestuurders (-46%), bromfietsers klasse B (-37%), voetgangers (-35%) en fietsers (-34%) lieten mooie dalingen optekenen. Maar er zijn ook categorieën die extra aandacht vereisten omdat ze slechts weinig vooruitgang geboekt hebben zoals motoren van meer dan 400cc (-19%) en inzittenden van bestelwagens (-10%), of zelfs meer slachtoffers tellen zoals motoren onder de 400cc (+9%) en vrachtwagens (+36%).

           

De analyse van de verkeersongevallen werd aangevuld met een analyse van de botsingsmatrix, die niet alleen het weggebruikertype van het slachtoffer in rekening brengt, maar ook het weggebruikerstype van de conflictpartner. Hieruit blijkt dat de ontwikkeling voor elk conflicttype anders is. Terwijl sommige conflicttypes een duidelijke daling in het aantal doden vertonen (zoals bijvoorbeeld fietsers en voetgangers als slachtoffers van personenwagens, inzittenden van personenwagens als slachtoffers van andere wagens,…), is bij sommigen de variatie tussen de jaren groter dan de afnemende trend (bijvoorbeeld dodelijke ongevallen waarbij fietsers betrokken zijn) en voor andere is er zelfs sprake van een toename (bijvoorbeeld dodelijke ongevallen waarin bestelwagen betrokken zijn of dodelijke ongevallen waarin motorrijders als slachtoffers betrokken zijn).

Gegeven de omvang van het rapport is het uiteraard onmogelijk om binnen het bestek van een nieuwsbrief zelfs nog maar een volledige samenvatting te geven van alle gegevens en analyses die in het rapport zijn opgenomen. Om af te sluiten volstaan we ermee te melden dat de huidige versie van het rapport tevens interessante gegevens bevat op het vlak van:

  • de acties en beleidsmaatregelen op het vlak van communicatie en sensibilisatie
  • de prestatie-indicatoren op het vlak van het gedrag van de weggebruikers (snelheid, gordeldracht, rijden onder invloed)
  • de recente evoluties die opgenomen zijn in de verkeersveiligheidsbarometer
  • de evolutie van schadefrequentie in de verzekering burgerrechtelijke aansprakelijkheid toerisme en zaken
  • de evolutie van de blootstellingsgegevens

Via deze nieuwsbrief zullen we u op de hoogte houden zodra er nieuwe analyses en gegevens aan het rapport toegevoegd worden.

Het rapport statistieken verkeersveiligheid 2008 is hier beschikbaar of via de website van het Observatorium voor de Verkeersveiligheid.
           

    

Het BIVV respecteert uw privéleven en geeft geen enkel e-mailadres door aan derden zonder voorafgaande toestemming. Als u deze nieuwsbrief niet meer wenst te ontvangen, schrijf u dan hier uit.

©BIVV, All rights reserved.